Mijmeringen

Welkom, ik ben Maureen

Eigenlijk ben ik erg slecht in ‘mezelf voorstellen’. Ik weet nooit goed wat ik zal vertellen. Maar natuurlijk wil ik je graag welkom te heten hier in mijn Verhalentuin. En bij een welkom vertel je toch meestal iets over jezelf, toch? Laat ik je dan nu iets vertellen over dat wat ik het liefste doe: verhalen schrijven. 😊 Dat zegt namelijk erg veel over mij.

“Waarom schrijf jij?”

Deze vraag werd mij eens gesteld door iemand die, net als ik, graag verhalen schrijft. Ik vond het een goede vraag, maar ik heb wel een tijdje na moeten denken om antwoord te kunnen geven. Tijdens dat proces, van het onbewust in mijn gedachten laten sudderden, luisterde ik naar een lied van Frank Boeijen en hóórde plotseling wat hij zingt: ‘Ik hoor overal muziek, daarom is het beter als ik slaap.’

Spontaan kwam mijn antwoord bovendrijven: ‘Ik hoor overal verhalen, daarom is het beter als ik schrijf.’ Mijn hoofd wordt bevolkt door personages van zeer verschillende pluimage, van alter ego’s tot sprookjesfiguren. Ze leven en praten met me. Als ik ze de ruimte geef ontspint zich met gemak een dialoog of een scène uit een verhaal. De beste manier om die soms wat chaotische bedoening de ruimte te geven is te gaan schrijven.

Een persoonlijk dagboek

Schrijven doe ik eerst en vooral over mezelf. In een persoonlijk dagboek. Dat doe ik om beter zicht te krijgen op wat er in mij omgaat, wat me bezig houdt. Dat doe ik eigenlijk al zo lang als ik me kan herinneren. Om rust te vinden, om duidelijkheid te krijgen. Het lucht me altijd enorm op wanneer ik mijn gedachtenspinsels aan het papier heb toevertrouwd. Ik snap beter wat er aan de hand is, of ik kan het simpelweg beter loslaten.

Sprookjes

Toch is deze manier van ‘schrijven’ niet wat ik bedoel, noch wat de vraagstelster bedoelde toen ze me vroeg: ‘Waarom schrijf jij?’ Dan gaat het om de verhalen die ik, met tussenpozen, al heel lang schrijf.

Toen ik nog heel jong was verzon ik al verhalen, een soort sprookjes. Eén van de oudste die ik nog terug kan vinden heet: “Kokkie, het spookje”. Op de lagere school was ik er ook van overtuigd dat ik schrijfster wilde worden. Ik vroeg mijn meester in de 5e klas (jawel, zo heette dat toen nog) naar welke school ik dan moest. Hij antwoordde dat daar geen speciale school voor was. Je kunt je misschien voorstellen dat zijn antwoord een behoorlijke teleurstelling voor mij was. Zozeer zelfs, dat ik het idee maar heb opgegeven. Ik kon geen schrijfster worden, want hoe kon dat zonder er een opleiding voor te doen.

Mijn leraar Nederlands op de middelbare school heeft de rest van mijn wil om te schrijven de grond in geboord. Hij beoordeelde mijn verhalen en opstellen categorisch als ‘matig’ en dat heeft onbewust voor mij de deur dicht gedaan. Sindsdien schreef ik alleen nog persoonlijke dagboeken. En wetenschappelijke artikelen, op de universiteit.

Mijn verhalentuin

Het is wel altijd blijven kriebelen, diep van binnen, maar een drukke baan na mijn afstuderen gaf geen ruimte aan mijn schrijfdrang; zelfs lezen deed ik in die tijd slechts sporadisch. Alle literatuur die ik verplicht had moeten lezen gedurende 10 jaar had dat plezier doen verdwijnen. Er was al met al geen voedingsbodem meer voor mijn verhalentuin.

Daar kwam verandering in toe ik een andere, minder veeleisende baan kreeg. Die zorgde voor meer vrije tijd en toen begon ik weer te lezen. Heerlijke dikke boeken, liefst series van drie. Fantasy natuurlijk, want daar ligt nu eenmaal mijn hart. Zo kwamen ook de personages in mijn gedachten weer langzaam tot leven.

Een crisis opent een deur

Een persoonlijke crisis was de laatste stap om voor het eerst weer een eigen verhaal te schrijven. Ik merkte hoe ik in dat verhaal duidelijkheid kon krijgen. Over mijn eigen situatie, waar ik mee worstelde. Zelfs een soort oplossing kwam er naar voren. Als ik dat verhaal nu lees, lijkt het zelfs alsof ik het niet zelf heb geschreven. Het heeft een waarheid in zich, waar ik tot op de dag van vandaag iets aan heb.

Nu, weer jaren later, is mijn verhalentuin weer tot bloei aan het komen. Ik heb mijn schrijvershart opengesteld, voelt het kriebelen en stromen. Flarden van verhalen komen langs. Soms vang ik ze op papier, soms laat ik ze rustig verder drijven. Ik ben in mijn archief gedoken, een echte schatkist met verhalen die soms al wel 20 jaar oud zijn. Ik haal ze er één voor één uit, vouw ze open en stof ze voorzichtig af.

De verhalentuin is weer open

De afgelopen jaren heb ik mijn verhalen aan heel weinig mensen laten lezen. De angst om afgewezen te worden zit er nog diep in. Toch fluistert er sinds een tijdje een stem die me zachtjes aanmoedigt om dapper te zijn. Om de tuin met verhalen voor jou open te stellen. Om jou, lieve lezer, mee te laten genieten van mijn schrijfavonturen. Door je mijn verhalen te laten lezen. Door je te vertellen over hoe ze ontstaan. Door iets te vertellen waar jij ook door geïnspireerd zou kunnen raken om je eigen verhaal te schrijven.

Oh ja, en vertellen kan in mijn geval ook betekenen dat ik je foto’s laat zien, want daar zit soms een heel verhaal in. Je weet wel, een beeld zegt meer dan duizend woorden… 😊

Dus, welkom in mijn Verhalentuin. Liefs, Maureen

Hallo, dit ben ik, MaureenAstrid 💜

Ik hoor overal muziek
Daarom is het beter als ik slaap
En droom van stille landen
Of van Holland, waar een huis staat
Dit is een uitnodiging
Je bent welkom
Je weet waar je me kunt vinden

Uit: ‘Dromedaris’ op het album ‘De ballade van de dromedaris’ van Frank Boeijen

Geef een reactie Reactie annuleren